Hogescholen steunen minister Plasterk: het stelsel past niet meer
31 augustus 2009De HBO-raad staat positief tegenover het idee van minister Plasterk (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) om onderzoek te laten doen naar het functioneren van het huidige hoger onderwijsstelsel. Hij pleitte hiervoor tijdens zijn speech ter gelegenheid van de opening van het studiejaar 2009-2010 bij de universiteit Twente. Voorzitter Doekle Terpstra: " De grens is al geruime tijd bereikt en het is goed dat de minister hierover het debat aan wil gaan."
Het hoger onderwijsstelsel in Nederland kent twee varianten, het universitaire onderwijs en het hoger beroeps onderwijs. Het traditionele idee dat op de universiteiten alleen maar mensen voor de wetenschap worden opgeleid en studenten aan een hogeschool voldoende hebben aan beroepsgerichte vakken is niet meer van deze tijd. De meeste afgestudeerden van universiteiten komen helemaal niet in het onderzoek terecht en afgestudeerde hbo studenten komen op een arbeidsmarkt die meer vraagt dan praktische kennis. Ze moeten hun eigen werkveld kunnen vernieuwen en hebben daarbij onderzoeksvaardigheden nodig. Studenten moeten hier tijdens hun opleiding op worden voorbereid.
Daarbij is het aantal studenten dat in het hoger onderwijs terecht komt de afgelopen jaren enorm gestegen. Deze instroom is echter verre van homogeen. Er zijn jongeren die na hun havo of vwo diploma direct naar het hoger onderwijs gaan, maar ook mbo afgestudeerden of werkenden melden zich. De ervaring leert dat het niet reëel is om te denken dat al deze groepen dezelfde kennis en vaardigheden, interesses of wensen hebben. Om hier op aan te sluiten zijn er diverse onderwijsprogramma's nodig. Het onderwijssysteem dat we nu kennen is veel te strak en geeft onvoldoende ruimte om aan al die wensen te voldoen. Doekle Terpstra: "Het is niet reëel om maar twee smaken te blijven aanbieden als de student veel meer maatwerk vraagt".
De hogescholen willen nog wel benadrukken dat het van belang is dat er geen nieuwe blauwdruk wordt gemaakt. Het stelsel moet flexibel zijn en inspelen op de diverse instroom en tegemoet komen aan de wensen van de studenten en het werkveld.


